ADR-bekkens beschermen de omgeving tegen gevaarlijke stoffen

28/08/2019

In het kader van de Oosterweelwerken nemen we heel wat maatregelen om de leefbaarheid van de omgeving te verbeteren en het milieu te beschermen. Één van die maatregelen is het aanleggen van ADR-bekkens langs de snelweg in Zwijndrecht en Linkeroever. Wat dit precies inhoudt vragen we aan Joris Van Looveren, Projectleider infrastructuur bij Lantis.

Dag Joris, ADR-bekken lijkt een begrip dat bij veel mensen geen belletje doet rinkelen. Waarvoor staat ADR?

ADR verwijst naar een Europees verdrag waarin transport van gevaarlijke stoffen via de weg opgenomen is. Het letterwoord is een afkorting van de Franse benaming voor dit verdrag oftewel accord Européen relatif au transport international des marchandises dangereuses par route. In dit verdrag worden verschillende veiligheidsrichtlijnen vooropgesteld.

Aan wat voor stoffen moeten we dan denken?

Er zijn vele stoffen die als gevaarlijk geclassificeerd worden omwille van uiteenlopende redenen. Enkele voorbeelden zijn ontplofbare stoffen, gevaarlijke gassen (giftig, brandbaar corrosief, oxiderend, verstikkend), brandbare (vloei)stoffen, bijtende stoffen,...

Die stoffen mogen dus niet zomaar op de openbare weg?

Vrachtwagens en containers die dergelijke gevaarlijke stoffen vervoeren, zijn herkenbaar aan het gevarenlabel dat duidelijk zichtbaar bevestigd wordt.

Ook interessant om te vermelden is dat er verschillende types tunnels zijn waar mindere of meerdere beperkingen zijn wat betreft ADR-transport (of vervoer van gevaarlijke stoffen). De Kennedytunnel is een voorbeeld van een constructie waar geen ADR-transport van gevaarlijke ontvlambare of ontplofbare stoffen is toegelaten. Dergelijke transporten moeten via Liefkenshoektunnel gebeuren.

Wat gebeurt er vandaag bij een ongeval met ADR stoffen?

Momenteel komen de gevaarlijke vloeistoffen bij een ongeval met ladingverlies in eerste instantie op de rijweg, in de naastliggende bermen en grachten terecht. Vloeistoffen kunnen dan verder in de bodem dringen, vermengen met het grondwater en/of in het oppervlaktewater terechtkomen. Bij neerslag is er bijkomend ook een vermenging van de gevaarlijke vloeistof met het hemelwater en een versnelde afvoer naar het stroomafwaartse afwateringsstelsel.

Bij dergelijke ongevallen nemen de hulpdiensten uiteraard ook de gepaste maatregelen om de besmette zones te reinigen of te verwijderen en verspreiding in de omgeving maximaal te vermijden of beperken. Deze maatregelen dienen dikwijls in moeilijke omstandigheden genomen te worden. Ook kan in de korte tijd tussen het optreden van het ongeval en de tussenkomst van de hulpdiensten er reeds een verspreiding in de omgeving plaatsgevonden hebben.

Enter: de ADR-bekkens. Wat doen de ADR-bekkens om de omgeving te beschermen?

In het Oosterweelproject is voorzien om neerslag op snelwegen en parallelwegen op te vangen in een gesloten afwateringssysteem. Dit systeem bestaat uit een netwerk van betonbuizen gekoppeld aan een ADR-bekken. In normale omstandigheden wordt het hemelwater afgevoerd via het buizensysteem en stroomt dit doorheen het ADR-bekken naar het afwaartse systeem.

Bij een incident met gevaarlijke vloeistoffen, wordt de normale doorstroming in het ADR-bekken afgesloten en wordt een opening naar een afzonderlijke opvangkelder geopend. Deze sturing kan zowel op afstand, als op het terrein gebeuren. De gevaarlijke vloeistoffen komen op deze manier in de opvangkelder terecht die afgesloten is van de omgeving. Op deze manier worden de gevaarlijke vloeistoffen niet verder afgevoerd naar grondwater, bodem of oppervlaktewater.

Dat klinkt als een grote verbetering.

Zeker. Een nadeel van het ADR-systeem is dat neerslag van de verhardingen van snelwegen en parallelwegen volledig afgevoerd wordt naar het laagste punt. Hierdoor stroomt er bij hevige neerslag een grote hoeveelheid regenwater naar dit punt. Om te vermijden dat we hierdoor wateroverlast veroorzaken in de ontvangende waterloop of een verder stroomafwaarts gelegen zone, voorzien we afwaarts van het ADR-bekken ook een bufferbekken met vertraagde afvoer. Dit bufferbekken zorgt ervoor dat neerslag opgeslagen wordt en slechts stelselmatig geloosd wordt in het afwaartse afwateringssysteem. Zandvang en koolwaterstoffen (KWS)-afscheider zorgen ervoor dat zware en drijvende (bv. benzine, olie,…) stoffen opgevangen worden vooraleer deze in het bufferbekken en aansluitend in het afwaartse afwateringsstelsel terechtkomen.

Hemelwater dat op bermen en andere zones terechtkomt, blijft wel maximaal ter plaatse om te kunnen infiltreren naar het grondwater.

Het stelsel bestaat dus niet enkel uit betonbuizen en een ADR-bekken. Ook zijn zandvang, KWS-afscheider en bufferbekken met vertraagde afvoer voorzien.

Wat gebeurt er nadien met het vervuilde water dat zich in het bekken heeft verzameld?

Wanneer bij een incident gevaarlijke stoffen in het afgesloten ADR-compartiment van het bekken zijn terechtgekomen, zullen deze door de hulpdiensten op de gepaste manier verwijderd en verder verwerkt worden. Ook zal nagegaan worden of de afvoerbuizen gereinigd moeten worden of hersteld moeten worden indien deze aangetast zouden zijn door agressieve stoffen.

Om hoeveel bekkens gaat het in totaal binnen het projectgebied Linkeroever/Zwijndrecht?

Er geldt een groot aantal technische randvoorwaarden zoals aanwezigheid van spoorweg, nutsleidingen, hellingsgraad, diepte, e.d. in het projectgebied, om rekening mee te houden. Hierdoor bleek het nodig 7 ADR-stelsels in het projectgebied te voorzien.

Zijn er veel plaatsen in Vlaanderen waar we zo’n bekkens terugvinden?

Opvang van afwateringssysteem in een ADR-stelsel is eerder zeldzaam. Enkele voorbeelden waar dergelijk systemen voorzien zijn, zijn A11 en Woluwelaan te Machelen. Alhoewel voorzieningen om gevaarlijke stoffen bij een incident op te vangen logisch lijken, is steeds een afweging tussen de voor- en nadelen te maken. Belangrijkste nadelen zijn de hoge kostprijs en het afvoeren van neerslag in een gesloten systeem naar een lagergelegen punt waardoor infiltratie ter plaatse niet mogelijk is en het grondwater lokaal minder gevoed wordt dan in een natuurlijke toestand. Ook komen ADR-transporten op vele wegen minder frequent voor waardoor op deze plaatsen een ADR-systeem niet aangewezen is.

Schematische voorstelling:

Schematische voorstelling ADR-bekken

  1. Kleppenkamer. Hier wordt het water naar de slibvang en afscheider gestuurd of naar het ADR-bekken in geval van een calamiteit;
  2. ADR-bekken
  3. Knijpconstructie met overstort. Debiet dat door zandvang en KWS-afscheider verwerkt kan worden, wordt doorgelaten. Overig debiet bij hevige neerslag stort over naar bypass.
  4. Slib/zandvang
  5. KWS-afscheider
  6. Bufferbekken
  7. Knijpconstructie voor beperkte lozing
  8. Waterloop